17 dec. 2009

Groot dictee


Gisteravond vond Het Groot Dictee der Nederlandse Taal plaats. Ook ik deed mee, voor de flauwekul, want met goed kunnen schrijven heeft dit dictee volgens mij niets te maken. Bij twijfel over de spelling van een woord pak ik gewoonlijk een woordenboek of ik maak gebruik van de spellingcontrole als ik mijn tekst op de computer schrijf. Maar dat mag en kan niet bij dit dictee. Het gaat erom dat je zoveel mogelijk rare woorden uit je hoofd leert en dat je tijdens de wedstrijd laat zien dat je die goed van buiten geleerd hebt. Of zoals een geïnterviewde deelnemer stelde: 'Het dictee bestaat uit louter lullenkoek bedacht door klotenzakken'.

Het dictee begon alleraardigst met klassieke dicteezinnen als Het mistte zo, dat ik de afslag miste. Appeltje eitje. Maar daarna volgden instinkers als: stupiedst, eau de cologne naast eau-de-colognefles, eau-de-toiletteje en Blu-rayspelletje. Die gingen bij mij dus fout.

En dan de spelling van statten in de betekenis van in de stad winkelen, die spelling verbaasde mij zeer. Ik ga nooit meer statten nu ik weet dat je dat zo dom schrijft, desnoods gebruik ik voortaan het woord shoppen. Kijk en dát zou ik dan weer wél goed geschreven hebben.

5 dec. 2009

Stoeptafereeltje

Dit tafereeltje trof ik vandaag (5 december) aan, zomaar aan de rand
van een stoep. Fotootje geschoten met I-Phone en nu een kleine test
of ik dat zo direct op mijn blog kan plaatsen. Als het gelukt is zie
je hieronder dat tafereeltje...

26 nov. 2009

Masculiene straattaal in feminien onderwijs

Vandaag bezocht ik de conferentie Resultaat met taal! georganiseerd door CPS. Er waren boeiende presentaties en workshops over doorlopende leerlijnen taal en rekenen. Eén van centrale presentatoren was de socioloog Ilias El Hadioui. Hij sprak over het fenomeen straattaal en wat je daar in het onderwijs wel of niet mee moet. Eerder schreef hij het essay: Hoe straat de school binnendringt.

Straattaal is volgens hem vooral ontstaan in de grote steden waar individualisering, multiculturalisering, anonimisering (m.n. in de openbare ruimte) en globalisering de centrale processen vormen. In de lege anonieme ruimte grijpen jongeren hun kans: als er zoveel anonimiteit is in de openbare ruimte, niemand daar de baas speelt, dan nemen zij die positie wel in. Met kernwoorden als: IK ben het belangrijkste, IK eis respect, IK ben de baas en vrouwen zijn gebruiksvoorwerpen.

Veel jongeren zien straattaal als iets grappigs, iets om mee te spelen, om stoer mee te doen. Maar er is ook een groeiende groep jongeren -vooral in de grote steden- die straattaal en de straatcultuur zo geïnternaliseerd hebben, dat het hen ontbreekt aan een goede basistaal, aan basiscodes, voor wie straattaal en straatcultuur een vorm van achterstand is. Deze jongeren hebben een groot probleem. Bij deze jongeren botsen de verschillende codes van: de peergroupcultuur (de straatcultuur), de thuiscultuur en de schoolcultuur.

In de peergroupcultuur zijn de codes: masculine omgangsvormen, agressief, stoer, ruig, het recht van de sterkste, een neerbuigende houding naar vrouwen.
De thuiscultuur van deze jongeren kenmerkt zich vaak door traditionele waarden en normen waarin veel respect is voor de vrouwelijke familieleden, relaties tot deze vrouwen kennen een zekere afstandelijkheid.
De schoolcultuur is vooral feminiem met veel overleg, begrip, gelijkheid tussen vrouwen en mannen.

De codes van deze drie culturen staan haaks op elkaar. Als gevolg hiervan zijn deze jongeren niet in staat om op een goede manier om te gaan met vrouwen buiten hun familiekring.

El Hadioui liet het reclamefilmpje van DE omastraattaal zien en een RTL-journaal in straattaal. Achterliggende gedachte bij de opdrachtgevers van deze filmpjes: spreek de taal van de jongeren en trek ze zo naar de onderwerpen waarvan jij wil dat ze daar kennis mee maken. Helaas (volgens El Hadioui) zijn er ook veel mensen in het onderwijs die straattaal (al dan niet spelenderwijs of als illustratie van 'ludiek' taalgebruik) de school binnenhalen.

Niet doen, was zijn devies. Hij schreef daarover een essay 'Hoe de straat de school binnendringt'. Straatcultuur zou in zijn visie een destructieve werking hebben op de onderwijskundige ontwikkeling van jongeren. Als je de masculiene straattaal binnenhaalt, zal die het altijd winnen van de feminiene onderwijscultuur. Houd die dus buiten, ga voor de waarden die in onderwijs belangrijk zijn en laat de straattaal op straat. Straattaal is niet 'leuk'. Van je eigen kinderen zou je het ook niet pikken als ze het spreken, doe het dan ook niet met je leerlingen.

Maak jongeren duidelijk dat je dat gedrag en die taal niet accepteert binnen de muren van de school. Probeer samen te werken met ouders, vorm een vitale coalitie. Maak centrale actiepunten als met als kernwoorden: bewustwording, belang, betrokkenheid en bekwaamheid.

Onderstaand filmpje is dus niet leuk, niet geschikt voor het onderwijs en je moet het vooral niet als lesmateriaal gebruiken.






23 nov. 2009

Sinterklaasgedichten

Het is bijna Sinterklaas en dus tijd voor het maken van surprises én het verrichten van noeste huisvlijt in de vorm van kneuterrijmelarijen. Dat je zo'n Sinterklaasgedicht ook op een heel andere manier kunt maken, laat Ivo de Wijs hieronder zien in een lesje Sinterklaasrijm.

Mocht het met de tips van Ivo niet lukken, dan kun je gebruik maken van een online rijmwoordenboek. Bijvoorbeeld dit of dit. Daar kun je bijvoorbeeld ontdekken welke woorden rijmen op e-reader, dat schijnt dit jaar HET cadeau van het jaar te worden.

En heb je nog geen lootjes getrokken voor de surpriseavond, dat kan óók heel handig online, namelijk hier.



8 nov. 2009

GSM in de klas

Een paar weken geleden trof ik een huilende leerling aan in de gang: haar telefoon was afgenomen door een leraar die vond dat het maar eens afgelopen moest zijn met dat voortdurende gesms: opletten potverdikkeme! Maar omdat ze na een waarschuwing tóch door was gegaan, had hij haar telefoon tot het eind van die dag in beslag genomen. Compleet ontdaan was ze ervan, want niet meer bereikbaar voor vrienden en vriendinnen, ontroostbaar. Maar die leraar had natuurlijk wel een beetje gelijk.

Sommige leraren op onze school vinden dat mobieltjes niet op school thuis horen. Ik denk daar wat anders over. Natuurlijk ben ik geen voorstander van vrij SMS-verkeer in de les, maar met een mobiele telefoon kun je zoveel meer dan alleen dat. Je kunt er bijvoorbeeld een deel van de les mee opnemen. Zo liet een leerling mij een gedicht van Hanlo horen dat mijn voorganger in de les had voorgedragen. Ze had het opgenomen op haar telefoon, met toestemming van de leraar. Prachtig. Ze luisterde het regelmatig terug.

Tussendoor even via je telefoon een woord of een begrip op internet opzoeken, keihandig. Zeker als je -zoals ik het merendeel van de week- niet in een vaklokaal Nederlands zit waar je de beschikking hebt over woordenboeken of andere hulpmiddelen. Van mij mogen ze begrippen via hun mobiel op internet opzoeken, als het binnen het lesonderwerp past. Graag zelfs!

Maar het mooiste gebruik van mobiele telefoons in de les laat een collega aardrijkskunde zien. Hij daagt leerlingen regelmatig uit om delen van zijn lessen te filmen en op Youtube te zetten. Hieronder zie je een van die filmpjes waarin hij op bijzonder aanschouwelijke wijze uitlegt hoe neerslag ontstaat. Zo onthou je toch veel beter hoe het werkt, dan alleen maar uit 'dorre aantekeningen'? En je kunt het keer op keer terug kijken ook nog.

1 nov. 2009

Hoe het bevalt in het VO


De hektiek van alle dag als docent Nederlands maakt dat ik op het moment weinig tijd overhoud voor bloggen. Zo'n zes weken werk ik nu op een reguliere school voor voortgezet onderwijs. Het is enerverend, druk, elke dag overspoelt me met informatie, gewoontes en regels. Maar het is bovenal erg boeiend en leuk. Nog geen moment spijt gehad van de overstap van stafmedewerker ROC naar docent VO.

Wat me erg is overvallen in mijn nieuwe baan zijn de honderden keuzes die je op een dag moet maken. Vooral de keuzes als reactie op vragen van leerlingen: "Ik heb mijn huiswerk niet af, mag ik toch de les in of moet ik op de gang mijn huiswerk maken?"; "Mijn boeken liggen nog in mijn kluisje mag ik ze even halen?"; "Mag ik even naar mijn mentor tijdens uw les, ik moet hem iets vragen"; "Mag ik vandaag naast Jeroen zitten?"; "Mag ik tijdens het maken van die opdracht naar mijn i-pod luisteren?"; "Mag ik een lolly eten, dan is het voor mij makkelijker om mijn mond te houden..."; "Mag ik een half uur eerder weg, ik heb geen briefje, maar ik moet echt naar de tandarts"; "Mag ik het proefwerk op de gang maken? Dan kan ik me beter concentreren" en meteen een andere leerling erachteraan: "mag ik dat dan ook?" Hmm, de ene leerling al toestemming gegeven, twee leerlingen op de gang is niet handig, maar als de ene het mag, dan de andere toch ook, crunch...

Keer op keer probeer ik de juiste keuze te maken en in te schatten wat de consequentie is van een bepaalde keuze. Steeds zoeken naar een evenwicht tussen de schoolregels en wat ik zelf daarnaast wel of niet accepteer of wenselijk acht. Honderden keuzes op een dag. Als je zelf niet voor de klas staat en je wil dat zelf eens meemaken, doe dan eens de test: jij voor de klas en je ontdekt welke afwegingen een docent de hele dag door moet maken.

De eerste week heb ik me verbaasd (en genoten) van een heel ander type leerling dan ik kende van het ROC. De leerlingen op mijn nieuwe school hebben niet onmiddellijk overal kritiek op, lijken over het algemeen gedweeër dan de extraverte 'hartopdetonghebbende' leerlingen met wie ik bij het ROC gewerkt heb. Dat is geen negatief waarde-oordeel over de ROC-leerlingen! Ik vond hen nét zulke boeiende mensen als mijn leerlingen nu, maar ánders boeiend.

Regels, gewoontes. Twee zoemers die afgaan tussen de lessen. Leerlingen die het lokaal niet uitmogen / niet uitgaan vóór de eerste zoemer. Bij het ROC waren de grenzen tussen de lessen niet zo scherp. Een les was afgelopen als de stof van die dag behandeld was. Soms was dat vijf minuten vóór het officiële eind, soms vijf minuten later. Je kon leerlingen 'los' laten als dat zo uit kwam. Nu blijf ik met mijn leerlingen in het lokaal tot die eerste zoemer, dat voelt soms vreemd en gekunsteld. Maar de reden ervoor is duidelijk: het geeft zoveel meer rust in het gebouw als er niet de hele dag van die enthousiaste energieballekes door de gangen jumpen.

De hoeveelheid stof: almekinders dat is echt veel als je van drie jaargangen de lessen moet voorbereiden uit methodes die je nog niet kende. Een programma schrijven, lezen, spreken, luisteren én literatuur. En dat dan voor de jaarlaag 4 HAVO, 5 VWO en 6VWO en voor de onderdelen letterkunde, schrijfvaardigheid, leesvaardigheid, spreken en luisteren. Lessen voorbereiden, toetsen maken, correctiewerk. Dat valt allemaal enorm tegen. Er zijn weken dat ik geen middag of avond vrij heb, terwijl ik niet eens fulltime werk. Het zijn allemaal de consequenties van het werken op een nieuwe school in een arbeidsintensief vak.
Maar ik begin langzaamaan te wennen. Ik krijg steeds meer overzicht over de stof, over de leerlingen, over de gewoontes en regels op deze school. Bovenal heb ik gelukkig geweldige collega's die ik altijd aan kan klampen als ik iets niet weet, niet kan of niet heb.

Er is nog veel meer te vertellen: over een bloggende en twitterende directie (ja die bestaan echt), over de vele buitenschoolse activiteiten die georganiseerd worden, over de minimale inzet van ICT, over de op komst zijnde smartboards, maar daarover een andere keer.

9 okt. 2009

Stuntrijm

Volgens de boekjes is rijm: "een klankovereenkomst tussen taalelementen die in elkaars nabijheid staan". Maar rijm is vooral bekend als smeermiddel dat poëzie zo heerlijk doet klinken.

In het Nederlands zijn enkele woorden waarop géén rijmwoord bestaat bijvoorbeeld: herfst, stolp, slordig, veertig, wulps en beitel. In een digitaal rijmwoordenboek vind je dan ook geen enkele match bij die woorden. Probeer het hier maar eens uit.

Lightversedichter Ivo de Wijs laat in onderstaand fragment zien dat een mens méér opties kan bedenken dan een digitale woordenmatcher. Hij noemt zijn vondsten: stuntrijm. Kijk en geniet van de klankrijke evenknieën die hij vond voor deze eenzame woorden.


6 sep. 2009

Goed in Nederlands

Onderstaand filmpje is leuk om een les over stijlfouten mee te beginnen. Wellicht is het nodig om er een les over vooroordelen achteraan te plakken ;-).


23 aug. 2009

Exploderende iPhones?


In de vakantie heb ik mezelf beloond met een Iphone. Een fantastisch apparaat. Flink wat pod- en vodcasten erop gezet, spelletjes, navigatiesysteem, OV-reiswijzer en andere apps. Dit jaar ga ik voor het eerst proberen om mijn papierenagenda volledig te vervangen door een digitale op de iPhone en op mijn laptop. Schitterende gadget zo'n telefoon en je kunt er nog mee bellen ook ;-). Al veel plezier van gehad.

Totdat ik in de media las dat er gedoe is rondom spontaan in brand vliegende en exploderende iPhones. Zie bijv. dit bericht en dit bericht. Broodje aap? Doelgerichte sabotageacties van concurrenten?

De berichten doen me sterk denken aan de Exota-affaire. uit mijn jeugd. Voor degenen die Exota niet kennen: dat was een limonademerk in de jaren zestig. Het werd zéér veel verkocht. Tot het moment dat ombudsman Marcel van Dam in zijn tv-programma een filmpje liet zien van een spontaan exploderende Exotafles: een enorme knal en met kracht rondvliegende glassplinters. Er was al een slachtoffer met oogletsel. Van Dam deed een oproep aan de kijkers om meer incidenten te melden. Dat gebeurde. Het filmpje werd keer op keer herhaald in het programma. De impact was groot. Ik kan me nog herinneren dat ik heel behoedzaam omging met Exotaflessen en ik was niet de enige. Mensen behandelden de flessen als net uitgegraven projectielen uit WO II. Dat is niet leuk limonade kopen of inschenken. Het duurde dan ook niet lang of Exota werd nauwelijks meer verkocht en het merk verdween uiteindelijk van de markt. Voor het hele verhaal zie hier.

Jaren later werd bekend dat in het filmpje (dat door TNO in scène was gezet) helemaal geen Exotafles te zien was geweest, maar een sherryfles die met een kogel geramd werd. TNO had de opdracht gekregen te laten zien HOE een fles ontplofte, niet de opdracht om te onderzoeken hoe het met de Exota-ontploffingen zat. Maar dat werd tijdens de uitzendingen niet erbij verteld. Het filmpje is achteraf beschouwd een succesvolle antipropaganda geweest.

Mijn familie heeft me deze vakantie geplaagd met sisgeluiden die vooraf zouden gaan aan een Iphone-explosie of ontbranding. En steeds schrok ik me rot. Ik hoop dat het onderzoek dat de EU heeft aangekondigd én het feit dat Apple nu zelf wil meewerken aan zo’n onderzoek ertoe leidt dat deze verhalen óf ontkracht worden óf dat er stappen ondernomen worden om de mogelijke productiefout in de iPhone te herstellen. Maar ik hoop natuurlijk dat het een HOAX is en dat ik weer volop kan genieten van mijn Iphone.

21 jul. 2009

Weg

Vanaf 1 september heb ik een nieuwe baan als docent Nederlands bij het Theresialyceum in Tilburg. Ik heb er ontzettend veel zin in. Nieuwe collega's, nieuwe werkplek, nieuwe onderwijssoort. Een nieuwe weg ga ik bewandelen en dus ga ik weg uit het BVE-veld, maar niet uit het onderwijs. Vreemd is dat wel hoor, weggaan op een nieuwe weg.

Dag, dag docenten van het ROC Tilburg met en voor wie ik zo vurig heb gewerkt om méér gebruik te maken van ICT in het onderwijs. Dag docenten van het VAVO bij wie ik me het afgelopen jaar zó welkom heb gevoeld en met wie ik fantastisch heb samengewerkt. Dag trainers van het Centrum voor Onderwijs en ICT met wie ik cursussen schreef, e-learningscursussen gaf aan docenten en vooral heel veel rondsnuffelde in netwerken, op conferenties en op internet naar mogelijkheden om het onderwijs beter, effectiever en interessanter te maken. Dag studenten van het ROC die van mij onderwijs mochten 'genieten', ik heb ook van jullie genoten! Dag directeuren van de scholen van het ROC, met wie ik afspraken maakte over professionalisering van hun docenten of snode plannen smeedde om binnen een grote organisatie als het ROC, tóch zaken voor elkaar te krijgen. Dag College van Bestuur, die helemaal niet op zo'n heel grote afstand bleken te zitten als velen uit het primaire proces denken. Dag mensen van Kennisnet met wie ik de afgelopen jaren heb samengewerkt in projecten als Grassroots, Samen Web De Baas, ambassadeurs MBO. Dag ambassadeurs BVE, zowel de groene als de grijze. Dag, dag allemaal, het ga jullie goed.

Natuurlijk blijf ik nog steeds bloggen, maar dit weblog zal een iets andere wending krijgen. Méér over het vak Nederlands, méér over literatuur, méér over het voortgezet onderwijs, niet meer over de BVE, maar nog wel steeds over kunst, web 2.0, over Tilburg, en andere dingen die mij bezighouden.

18 jul. 2009

Nederlandse teksten in Engelstalige liedjes

Als je nu op een terrasje zit in Toscane, de Provence, de Alpen, of misschien wel op de Tilburgse kermis, dan kan het je gebeuren dat je in een Engelstalig liedje plots Nederlandse zinnen meent te horen. Zo lijkt Michael Jackson te zingen over 'Mama Appelsap', Youssou n'Dour over 'Koeman die alle dingen omgooit' en klaagt Tina Turner over haar spillebenen.

Mama Appelsap heet dit verschijnsel, naar een radioprogramma van BNN waarin programmamaker Timur deze vondsten verzamelt met de hulp van luisteraars. Het is inmiddels een hele hype geworden. Er is een audiolijst met verzamelde zinnen, er zijn verschillende Youtubefilmpjes, er is een speciale website. Een hele hoop vrolijke onzin.

Hieronder mijn favoriet:




12 jul. 2009

Weer een dichter dood

Simon Vinkenoog is dood. Hij is net geen éénentachtig jaar geworden. Hij stierf een zachte dood en waarschijnlijk is hem veel leed (ten gevolge van een hersenbloeding en een beenamputatie) bespaard gebleven.

Er is een online condoleanceregister voor hem geopend. Enkele opmerkingen daar typeren Vinkenoog:
- Zweef Zacht Zimon!
- met een been buiten het graf...
- Dag lief voorbeeld van me, ambassadeur en boegbeeld van de hippietijd.

In mijn fotoalbum vond ik enkele foto's van hem uit de jaren Tachtig. Ze zijn gemaakt tijdens een Zestiger Jaren evenement op de Korte Heuvel in Tilburg. Simon Vinkenoog is te zien met Johny van Doorn (Johny The Selfkicker) en zijn vrouw Edith Ringnalda. Plaatselijke dorpsgek 'Rooie Stien' (inmiddels ook overleden) pikte tijdens het evenement de microfoon en weigerde die terug te geven aan Vinkenoog omdat ze beweerde beter te kunnen dichten dan hij. Simon kon daar hartelijk om lachen.

9 jul. 2009

Een probleem laten escaleren

‘We moeten dit probleem maar laten escaleren' hoorde ik onlangs een IT-er zeggen. Ik geloofde mijn oren niet. Iemand die bewust aanstuurt op de escalatie van een probleem? Hoe kun je zo bot zijn? Maar omdat de kwestie waar het om ging uiterst technisch was en ik de inhoud van het technische probleem maar ten dele kon bevatten, hield ik tijdens die vergadering maar mijn mond.

Na de bijeenkomst sprak ik hem persoonlijk hierop aan. “Hoezo escaleren? Staan die IT-diensten dan voortaan zo ver af van het primaire proces? Weet je wel wat de consequenties hiervan zijn op de werkvloer? In wat voor puinhoop die mensen dan moeten werken? Ik snap dat het soms nodig is om iets uit de hand te laten lopen om een beweging in gang te zetten, maar hoe dienstbaar ben je nog als dienst als je dat over de hoofden van de mensen op de werkvloer…”.

Hij onderbrak mij met een schaterlach, waarop ik hem stomverbaasd aankeek. Behoedzaam legde hij mij uit dat ‘een probleem laten escaleren’ voor IT-ers iets anders betekent dan voor ‘gewone mensen’. Gewone mensen vatten escaleren op als: iets uit de hand laten lopen, of zoals Van Dale zegt: ‘van stap tot stap ernstiger worden van een conflictsituatie, waardoor een toestand ontstaat waaruit je niet meer terugkan’. Maar in ITIL-termen (een procedureboek voor IT-ers) is escaleren:

Wanneer een incident niet binnen de gestelde tijd kan worden opgelost, dienen maatregelen genomen te worden om de incident afhandeling te bespoedigen. Het inzetten van meer personen of van personen met meer specialistische kennis is dan een mogelijkheid. Dit wordt Escalatie genoemd (zie ITIL-essentials).
Het was dus helemaal niet zo’n werkvloeronvriendelijke actie die hij had voorgesteld. Hij had slechts voorgesteld meer mensen in te zetten met meer specialistische kennis om het probleem sneller op te lossen. Pas toen begreep ik zijn schaterlach.

Maar 'escaleren' met als betekenis op een hoger plan trekken? Nooit van gehoord. In Van Dale vind ik deze betekenis niet terug en ook op internet vind je escaleren alleen op ITIL-sites terug met die betekenis.

Rare jongens die IT-ers, maar uiteindelijk toch veel dienstbaar dan ik gedacht had.

22 jun. 2009

Laptops in het onderwijs

Tijdens de kennisnetambassadeursbijeenkomst afgelopen vrijdag waren er verschillende presentaties over laptopprojecten in het onderwijs. Veel ROC's hebben inmiddels de beschikking over een draadloos netwerk, de volgende stap in de ontwikkeling is het maken van een goed laptopplan. Op mijn ROC zijn we helaas nog niet zover. Onze werkgroep contactpersonen Onderwijs & ICT zette eerder de argumenten voor een draadloos netwerk op een rij (zie dit document), maar verder dan een pilot op één van onze scholen is het nog niet gekomen. Aan stap 2: een laptopplan zijn wij dus nog niet toe. Maar het kan nooit kwaad je te verdiepen in stap 2 als stap 1 de grond nog niet bereikt heeft.


Laptops for all
Joop van Schie gaf een schets van het project 'Laptops for all, invoering van mobiele werkstations' bij het Albeda. Laptops maken het mogelijk dat studenten op meerdere plekken in het gebouw kunnen werken met een computer. Ze bieden op die manier mogelijkheden om flexibeler onderwijs in te richten. Elk lokaal kan zomaar een computerlokaal worden en bij mooi weer kunnen zelfs de buitenruimtes als extra vierkante meters toegevoegd worden.

De problemen die zich daarbij voordeden: technologisch: op veel plekken ontstaat snoerenspaghetti, maar wat veel erger is: de stoppen knallen door als meer dan twee laptops op één contactpunt worden aangesloten. In een 'vast' computerlokaal is met de stroomvoorziening rekening gehouden, maar een gewone lesruimte heeft meestal niet de mogelijkheid om zoveel machines tegelijk van stroom te voorzien.

Onderwijskundig: bij het invoeren van meer mobiel leren moet je docenten goed begeleiden in hoe ze hun didactisch repertoire kunnen aanpassen. Tijd en ruimte organiseren om docenten hierover met elkaar te laten sparren en naar mogelijkheden te laten zoeken, bleek goed te werken. Een andere ontdekking was dat de combinatie van laptoponderwijs met een digitaal bord in de praktijk goed blijkt te werken.

Organisatorisch: waar laat je leerlingen laptops opbergen? Speciale kluisjes? Hoe regel je de aanschaf? Laat je studenten vrij, geef je een advies, of ga je zelf in zee met een leverancier? Van wie zijn de laptops en mag je er zo maar SLIM-licenties op laten zetten? Over deze en andere kwesties werd van mening gewisseld met de zaal.


Digilessen VO
Herman Rigter, directeur ICT van enkele VO scholen, hield een presentatie over laptopklassen en het maken van digitale content binnen zijn scholen. Hoewel de situatie in het VO anders is dan in het MBO (denk bijv. aan het debacle van de 'gratis' schoolboeken), waren er veel overeenkomsten. Hij benadrukte het belang van planmatig werken én het belang van een onderwijskundige visie als onderlegger voor innovaties. Als handvat bij ICT-ontwikkeling adviseerde hij de vierinbalansmonitor.

Tot slot. Onderstaand filmpje geeft een beeld van het onderwijs op een van de scholen waar Herman Rigter werkt.

21 jun. 2009

Kennisnetambassadeurs in Rotterdam

Afgelopen vrijdag 19 juni was ik op een bijeenkomst van de kennisnetambassadeurs. Eindelijk had ik weer eens de kans een bijeenkomst te bezoeken. Het afgelopen half jaar heb ik helaas vaak verstek moeten laten gaan i.v.m. lessen die ik niet kon laten uitvallen.

Eén van de presentaties vrijdag ging over de koppeling tussen wetenschappelijk onderzoek en onderwijs. Magda de Bruijn, kennistransfermanager bij kennisnet, hield over dit onderwerp een presentatie met als titel:

KENNIS VAN WAARDE MAKEN

Magda gaf aan dat er veel wetenschappelijk onderzoek naar onderwijs wordt gedaan, maar dat de resultaten, conclusies en aanbevelingen vaak onbekend blijven bij het onderwijs zelf. Het lijken twee gescheiden werelden, terwijl het onderwijs zoveel baat zou kunnen hebben bij wat er onderzocht is en hoe je daar je voordeel mee zou kunnen doen bij de inrichting van je onderwijs.

Kennisnet neemt de rol op zich om deze communicatiekloof te dichten. Op deze website vind je een lijst met afgeronde wetenschappelijke onderzoeken naar onderwijs. Je kunt hier volledige onderzoeksrapporten downloaden. Omdat deze niet voor iedereen leesbaar zijn, maakt kennisnet leesbare excerpten van de onderzoeksresultaten. In zo'n excerpt wordt in ongeveer 16 pagina's uitgelegd wat de essentie van het onderzoek was, wat de resultaten en conclusies zijn. Ze zijn te bestellen bij: publicatiereeks.

Het is ook mogelijk zelf onderzoek te laten doen op je eigen onderwijsinstelling. Je moet dan, samen met een onderzoeksbureau, je onderzoeksvraag formuleren en een aanvraag indienen bij Kennisnet. Meer informatie hierover vind je http://onderzoek.kennisnet.nl Hieronder de presentatie van Magda.



16 jun. 2009

Leo Vroman

Toen ik vorig jaar vakantieboeken wilde aanschaffen, viel mijn oog op een nieuwe dichtbundel van Leo Vroman. Mijn eerste gedachte: een nieuwe bundel? Leeft hij nog dan? In 1986 heb ik hem ontmoet toen hij onze gast was op de Nacht van het Boek, waar ik in de organisatie zat. Hij was toen al ver in de zeventig (zie foto hiernaast). Als hij nu nog leefde, dan moest hij wel honderd zijn.

Groot was de verrassing toen ik om de boekentafel heen liep en de titel van die bundel las: 'Nee, nog niet dood'. Alsof hij mijn verbazing gehoord had en antwoordde met die titel. Natuurlijk heb ik de bundel meteen gekocht. Prachtige gedichten over de dood, de liefde, het niet meer vlekkeloos functionerende lichaam, maar bovenal gedichten die een haast genezende positieve rust uitstralen.

Deze week zag ik een documentaire over hem op TV 'Soms is liefde eeuwig'. Dezelfde rust, positieve levensinstelling en onangst voor de dood straalt van deze documentaire af. Via deze link bij uitzending gemist is hij alsnog te bekijken.

11 jun. 2009

Gouden aardappel

Gisteren heeft mijn collega Rosita Storms de Gouden Aardappel gewonnen op de Aardappelbeurs, een conferentie over het programma Hot Potatoes. Dat is een gratis programma waarmee je heel snel en eenvoudig digitale oefeningen kunt maken.

Zij won die prijs voor de Hot Potatoes-oefeningen die zij maakte voor haar website Leer Spaans. De oefeningen waarmee zij won staan hier bij elkaar. Die gouden aardappel is dik verdiend, want als er iemand goed is in het maken van digitale content die er ook nog eens puik uitziet, is het wel Rosita.

Roos gefeliciteerd!!!

4 jun. 2009

Hoe word ik een taalrat?

Voor mijn studie maak ik regelmatig gebruik van de Digitale Bibliotheek van de Nederlandse Letteren (DBNL). Op de DBNL-website vind je elektronische boeken over Nederlandse taal en literatuur, ze zijn gratis toegankelijk voor iedereen. Erg handig: het is erg makkelijk te zoeken naar wetenschappelijke informatie over Nederlandse taal- en letterkunde en je hoeft er de deur niet meer voor uit.

Soms verschijnen er opmerkelijke werken in deze DBNL. Deze bijvoorbeeld: Kleine grammatica van de waanzin, een handboek voor mensen die onbegrijpelijk willen schrijven. Mijn eerste gedachte was: wie wil dat nu? Maar toen ik deze passage uit de inleiding las, werd dat al snel duidelijk:

"Sommige auteurs schijnen er wèl belang bij te hebben een onduidelijke tekst te leveren. (...). Voor deze schrijvers, van wie ik om discriminatie te voorkomen geen beroepsaanduiding zal geven, zijn er in het Nederlands nog maar weinig hulpmiddelen bij de hand. Er zijn wél spellingsvoorschriften en woordenboeken, grammatica's en stilistische handleidingen voor mensen die hun taal goed willen gebruiken. Maar voor politici, doctorandussen, technocraten en andere ambtenaren die beroepshalve onheldere stukken produceren om hun (gebrek aan?) ideeën te verhullen, bestaan er eigenlijk geen goede richtlijnen. (...) Jarenlange ervaring in het kritisch doornemen van teksten en het gevraagd en ongevraagd corrigeren daarvan, hebben mij tot het inzicht gebracht dat er systeem zit in de chaos. Het is mijn bedoeling in dit boekje iets van dit systeem onder woorden te brengen."

Je kunt dit elektronisch boekwerk lezen als een humoristisch herkenning van onduidelijke formuleringen. Maar als je de gegeven adviezen omkeert (vermijd alles wat hier geadviseerd wordt) dan onthult zich een vrolijk handboek van foute, te vermijden schrijfsels.

Ongetwijfeld zijn er ook mensen die dit boek gaan lezen als een evenknie van Hoe word ik een rat?'. Maar dan met de achterliggende gedachte: hoe word ik een 'taalrat'?

1 jun. 2009

Het vak van leraar kapotgemaakt?

NRC/Handelsblad heeft deze weken een rubriek over de centrale examens van het voortgezet onderwijs. Een verkorte versie daarvan staat op een speciaal examenblog . Leerlingen, journalisten, leraren en ex-leraren komen aan het woord over het examen van die dag. Ex-leraar en literair auteur Jan Siebelink gebruikte op 29 mei de hem geboden ruimte om zijn ongenoegen over onderwijsvernieuwingen te uiten. Slechts één alinea van zijn tekst bevat het gevraagde commentaar op het VMBO-examen Frans. Zijn bijdrage aan het examenblog kreeg dan ook als titel: 'Vak van leraar kapot gemaakt'.

De schaalvergroting in het onderwijs leidt volgens hem tot anonieme scholen met een vergadercultuur, clusterleiders en 'projecten kwaliteit'. Hij schreef: "De enige mensen die op een school iets te zoeken hebben zijn docenten en leerlingen. Ja, en een rector, twee conrectoren en een roostermaker". Maar ook: "De MAVO, een mooie kleinschalige school moest plaatsmaken voor het VMBO-t, gehuisvest op grootschalige scholengemeenschappen waar de kinderen verzuipen door gebrek aan aandacht en structuur". En: "de passie is uit veel leraren verdwenen. Hun vak is hun afgepakt.(...) Ik weet niet of we die wond ooit weer dichtkrijgen".

Afgelopen donderdag hadden wij in ons literair café de schrijver L.H. Wiener te gast. Bij de bespreking van zijn boek 'Nestor', haalde ook hij fel uit naar het huidige onderwijs. Volgens hem: "weet bijna geen leraar zonder kleerscheuren het einde te halen". Zie onderstaand filmpje dat ik tijdens die avond van hem maakte. Wiener is door NRC/Handelsblad gevraagd a.s. woensdag het HAVO-examen Engels te bespreken. Zijn bijdrage verschijnt op donderdag 4 juni (i.t.t. wat hij in het filmpje zegt) zowel in de papieren NRC als op het examenblog van diezelfde krant.


12 mei 2009

Examens

Het is wat stil op dit blog. Dat heeft alles te maken met examens en tentamens. Mijn leerlingen hebben hun schoolexamens afgerond en ik heb veel tijd doorgebracht met de correctie daarvan.

A.s. maandag beginnen voor de leerlingen de centrale examens. Maar ook ik zelf mag a.s. vrijdag een tentamen literatuurbeschouwing afleggen bij Fontys.

Hoewel ik het onderwerp van dat examen boeiend vind, is het bestuderen van de stof dat allerminst. Ik heb de hoeveelheid werk gruwelijk onderschat. Zo'n zestien wetenschappelijke artikelen over de literatuur van 1830 tot nu. Voor en in de meivakantie heb ik alle artikelen doorgenomen, nu buig ik me over het maken van uittreksels en schema's. En dat is geen sinecure.

Ik verbaas me over de schrijfstijl van deze literatuurwetenschappers, hoe erbarmelijk ik die vind. Hoe komt het toch dat mensen die schrijven over prachtige literatuur, zelf zo'n vreselijke schrijfstijl hebben? Ellenlange zinnen, moeilijke woorden die in elk artikel ook weer nét iets anders betekenen, gezien de uitgebreide definities daarvan. In verschillende artikelen steeds de opmerking dat dat en dat hier niet verder behandeld kan worden gezien de beperktheid van dit onderzoek. Schrijf dat dan niet op, denk ik dan. Val mij niet lastig met wat je allemaal niet doet en beperk je tot wat je wél doet. En waarom niet wat meer je best doen op een prettig leesbaar taalgebruik? Wetenschap hoeft toch niet in te houden dat je zo moeilijk mogelijk schrijft?

Maar ook de inhoud is niet overal boeiend. Sommige artikelen lijken bijna uitsluitend te gaan over terminologie, het indelen in stromingen, de markeringslijnen daartussen en het reageren op anderen die daar net iets anders over denken en dat alles in woorden waarbij ik elke derde pagina weer in een woordenboek of het internet op moet duiken. Ik weet weer waarom ik geen wetenschapper heb willen worden.

Ik voel met mijn leerlingen mee deze dagen. Ik hoop dat de schrijvers van de stof die zij moeten doornemen beter schrijven dan de auteurs wiens geschriften ik nu door moet ploegen.

26 apr. 2009

Lezen en schrijven begint bij Sesamstraat

Het programma Sesamstraat is in 1969 bedacht door de Amerikaan Jim Henson. Doel was een programma met voorschoolse educatie, gericht op kleuters en het moest luchtig, vrolijk en aansprekend zijn. Plaats van handeling: Sesamstraat, een prachtstraat waarin mensen van verschillende achtergronden vreedzaam met elkaar samenleven. Korte sketches met kleine spanningsbogen, veel humor, karakters met ieder hun eigenaardigheden, sociale thema's op kniehoogte en iedere aflevering een letter en een cijfer centraal.

Sinds 1976 is het ook in Nederland te zien, in een aangepaste Nederlandse versie. Het programma werd lange tijd uitgezonden om half zeven, een ideale tijd voor kinderen zo vlak voor het naar bed gaan. Om de een of andere reden vonden de bobo's van de publieke omroep dat half zes een betere tijd was voor deze doelgroep en dus werd het programma verplaatst.

Aart Staartjes, meneer Aart in de Nederlandse Sesamstraat, is een actie begonnen om Sesamstraat weer om half zeven op de buis te krijgen. Er is een website (http://www.sesamstraatnaarhalfzeven.nl/) waar je je steun aan deze actie kunt betuigen en een speciale Sesamstraatactiehyves. Hoewel de virtuele handtekeningen al zijn aangeboden, loopt de actie nog steeds door. Omroepbobo Timmer gaf bij het aanbieden van die handtekeningen een mogelijke oplossing op een nieuw kinderkanaal: Z@ppelin 24, maar het is onduidelijk wanneer en of dat kanaal er komt.

Een vast onderdeel van het programma is het kennismaken met letters. Elke aflevering staat een andere letter in de schijnwerper. Hieronder twee van die letterfilmpjes: een Nederlandse W en een Engelse Y.





8 apr. 2009

Een modern sprookje

Lang, heel lang geleden, in een land niet eens zo ver hier vandaan, ontstond het sprookje van Roodkapje. Een oud volksverhaal waar je alleen naar kon luisteren, lezen ging niet, want niemand had het ooit opgeschreven.

Eind zeventiende eeuw was Charles Perrault de eerste (?) die dit sprookje op schrift vastlegde. In zijn versie liep het gruwelijk af: Roodkapje en haar grootmoeder werden opgevreten en: einde verhaal. De gebroeders Grimm schreven in de tweede helft van de achttiende eeuw een versie waarin zowel Roodkapje als de grootmoeder levend het eind haalden door de adequate acties van een jager. In de jaren zeventig van de vorige eeuw verschenen er versies waarin vooral veel gepraat werd en waarin de boze wolf soms tot inkeer kwam, of waarin hij aangaf zélf slachtoffer te zijn van een liefdeloze opvoeding. Iedere tijd en iedere cultuur kent zo zijn eigen Roodkapjeversie.

Op videokanaal zie.nl vond ik een hedendaagse versie: Roodkapje in het informatietijdperk. Leuk om te zien. Het filmpje is gemaakt door Tomas Nilssons, een Zweedse driëntwintigjarige student grafisch design. Kijk en oordeel zelf.


5 apr. 2009

Presentatie web 2.0-project

Afgelopen donderdag was er bij ROC Tilburg de tweejaarlijkse onderwijsconferentie 'De Parade'. Doel van deze conferentie is elkaar inspireren en ervaringen uit te wisselen. Er waren lezingen en workshops door en voor collega's. Mijn collega Joël de Bruijn blogde al tijdens de conferentie over de door hem gevolgde presentaties en workshops (zie hier en hier en hier).

Samen met mijn collega Jos Titulaer mocht ik het onlangs afgeronde project Samenwebdebaas presenteren. In dat kennisnetproject hebben docenten en studenten van de school voor onderwijsassistenten gewerkt met verschillende web 2.0-toepassingen in het onderwijs. Dit alles in het kader van het MBO-actieplan Verbonden met ICT. Samenwebdebaas had een eigen projectweblog. Het eindverslag is hier te lezen. Doel van deze workshop was verslag doen, maar ook: anderen inspireren en mogelijkheden laten zien.



Ik had een lage opkomst bij onze workshop verwacht (ICT en onderwijs is niet echt 'hot' binnen ons ROC), maar tot mijn verrassing bleek ruim voor de aanvangstijd onze workshop 'vol' te zitten met vijfendertig collega's. Niet alleen uit die grote aanwezigheid, maar ook uit de vragen die gesteld werden, bleek dat veel docenten kansen zien in de inzet van deze tools in hun onderwijs.

Uit de reacties bleek dat vooral de inzet van weblogs voor BPV-verslagen en het gebruik van googledocs aansloeg. Enkele docenten gaven aan dat ook zij dit in hun onderwijs in willen gaan zetten vanwege de laagdrempeligheid en de vele mogelijkheden die het biedt. 'Minder afhankelijk zijn van de IT-dienst voor installatie van programma's' werd door velen gezien als een groot voordeel van de verschillende web 2.0-tools.

Tot slot kregen we de vraag of we een vinklijstje hadden waarin we web 2.0-toepassingen naast de mogelijkheden van onze ELO Blackboard wilden zetten. Op dat moment heb ik gezegd dat dat zo eenvoudig niet is en dat het maar de vraag is of zo'n vinklijst zo zinnig is. Wel kan ik de voordelen van de verschillende toepassingen geven en ook wat nadelen noemen. In onze presentatie worden enkele van die voordelen genoemd. Is er emand die wel zo'n 'vinklijstje' heeft? Of wordt dat appels (of misschien wel apples) met peren vergelijken?

29 mrt. 2009

Onderhandelingsgeneratie

Voor leerlingen van onze HAVO-examenklassen is dit de tijd voor het inleveren van handelingsdelen. Voor mijn vak Nederlands: schrijfdossiers. In zo'n schrijfdossier zitten drie opdrachten die leerlingen aan het begin van het jaar hebben gekregen. Het is verplicht alle uitgewerkte opdrachten inclusief alle versies in te leveren OP papier IN het dossier. Er zijn allerlei organisatorische redenen waarom dat zo moet, maar het is ook om te voorkomen dat een docent Nederlands zich suf print, mailt, verzamelt, versiebeheert en meer. Geen discussie over mogelijk: op 26 maart moesten alle opdrachten op papier in het schrijfdossier ingeleverd zijn.

Dat schrijfdossier is een officieel examenonderdeel en de doderdandoodste deadline voor het inleveren daarvan was afgelopen donderdag. Daarvoor waren er 'gewone' deadlines voor het inleveren van eerdere versies. Versies die ze, aan de hand van feedback van medeleerlingen én van mij, moesten reviseren, want dat is een wezenlijk onderdeel van schrijven, dat je in staat bent een tekst aan te passen en te herschrijven. Dat heb ik ze middels lessen, oefeningen en gesprekken en nog heel veel meer proberen te leren en proberen uit te leggen.

Vandaag niet ingeleverd betekent niet op examen kunnen. Maar een jaar is lang en ach, wat zou je je in december druk maken om iets wat pas in maart hoeft af te zijn? Dus tot vorige week had de helft van de leerlingen nog geen eerste versie van één of meerdere opdrachten ingeleverd.

Mailtje van mij aan het begin van de week aan alle niet-inlevers, vriendelijk doch dringend: "Je wil toch op examen? De doderdandoodste deadline is 26 maart. Is het er niet -> niet op examen Nederlands. Heb je hulp nodig: mail me, loop binnen, schiet me aan, maar DOE iets en wacht niet af tot 26 maart".

De doderdandoodste deadline is keihard. Maar leerlingen zijn gewiekst, heb ik dit jaar mogen ontdekken. Gewiekst in het ontduiken en onderhandelen. Die leraren, die kletsen maar wat, doen altijd een partij moeilijk. Met een beetje onderhandelingsstrategie klets je je daar wel uit.

Een greep uit de mailtjes die ik vrijdag aan het eind van de dag ontving:

  • "hé juf, ik heb nog steeds geen printerinkt kunnen kopen, dus hierbij al mijn opdrachten via de mail. De feedback ben ik kwijt, maar het zal zo wel goed zijn, Doei!"
  • "Ik ben de laatste lessen niet geweest omdat ik ernstig last had van een motivatiedip. Die is nu over. Kunt u mij de opdrachten nog eens mailen, dan lever ik ze morgen of anders maandag wel in"
  • "Hallo mevrouw Verhaaren, ik heb echt verschrikkelijk lang aan me opdrachten gewerkt, maar ik heb meer tijd nodig. Het is vast goed als ik het maandag inlever?"
Generatie Einstein: multitasken, creatief, veelzijdig, collectivistisch. Maar de keerzijde van deze generatie, is dat gemakzucht? Proberen te onderhandelen over of het toch niet wat minder, wat later, wat korter kan? Meer bereiken met minder inspanning?

Veel van mijn collega's klagen steen en been over de laksheid van deze leerlingen (ik geef niet het enige vak met deadlines). Ik zit nog in de verwonderingsfase...

20 mrt. 2009

Symposium Marketing, Nieuwe Media & Mediawijsheid.


Het UGame - ULearn-team organiseert op 23 april een symposium rondom innovatie en inspiratie bij de TU Delft. Het symposium is volgens de organisatoren een must voor iedereen die nieuwe media en toepassingen daarvan in het onderwijs en bibliotheken wil leren kennen en/of wil inzetten.
Gasten zijn o.a.: Helene Blowers (bedenkster 23 dingen), Kathy Dempsey (marketing consulent/auteur), Christian ten Hoope (manager van het Nieuwe Media Team van NRC Media), Pierre Gorissen (edublogger en edukaster), Frank Huysmans (senior onderzoeker mediagebruik en cultuurdeelname), Pauline Maas (mediawijsheiddeskundige) en Remco Pijpers (mijn kind online) . De rol van dagvoorzitter is in handen van Annemarie van Gaal.
De toegangsprijs is redelijk (98 euro) en hier vind je meer informatie. Je kunt je via die website ook aanmelden.

9 mrt. 2009

SMS-alert: de politie waarschuwd?

SMS-alert van de politie. Een dienst die al een paar jaar bestaat. Als je je daarvoor opgeeft, ontvang je een SMS-je als er in jouw postcodegebied iets gebeurt waarvoor de politie je wil waarschuwen, of wanneer de hulp van bewoners nodig is.

Onlangs gaf ik me ook op voor deze dienst. Ik ontving tot nu toe drie berichten. Tot mijn verbazing begint elk bericht met de standaardzin: Politie waarschuwd voor ….. Blijkbaar is de vervoeging van een regelmatig werkwoord in de tegenwoordige tijd erg moeilijk voor de SMS-alertinvoerderdiender. Jammer dat niemand hem uitlegt dat je zo’n standaardzinnetje mogelijk ook kunt automatiseren, zodat het niet bij elk bericht fout hoeft te gaan.

Overigens is 'de politie' niet de enige die die fout maakt. Even'googlen op waarschuwd laat 1.380.000 verwijzingen zien. Het goede waarschuwt blijkt zelfs minder (1.370.000 keer) voor te komen. Hoe kan dat nu? Zo moeilijk is dat toch niet? Er komt niet eens een fokschaap of een kofschip aan te pas. Luiheid? Onverschilligheid? Nietbelangrijkheid?

6 mrt. 2009

Bijna Boekenweek: Tjielp tjielp

Het is weer bijna boekenweek. Het CPNB koos dit jaar als thema Tjielp, Tjielp, de literaire zoo. Die titel komt van het gedicht 'De Mus' van Jan Hanlo. Tilburger Tom America zette dit gedicht op muziek en maakte daar een aardig filmpje van. Dat filmpje is onderaan dit bericht te bekijken.

Ik schrijf Tilburger, maar dat is niet helemaal waar. Tom America komt hij oorspronkelijk uit Valkenburg, net als Jan Hanlo. En misschien verklaart dat ook waarom hij Hanlo's cadans en ritmische zinnen weet om te zetten naar muziek. Het gedicht De Mus is niet het enige gedicht van Hanlo dat hij op muziek zette. Samen met Henny Vrienten, Vincent van Warmerdam en Ed Kooyman maakte Tom een CD met muzikale gedichten van Hanlo. Op deze site is meer informatie daarover te vinden. Tom America verzorgt ook gastlessen die erg geschikt zijn voor de bovenbouw van HAVO/VWO.

In de boekenweek krijg je bij de aankoop van een boek het boekenweekessay van Middas Dekkers én het boekenweekgeschenk van Tim Krabbé cadeau, jammer genoeg niet die CD.


1 mrt. 2009

Word vandaag nog lid van omroep C!

Het rommelt binnen het publieke bestel in medialand. Mogelijk treden binnenkort twee sensatieomroepen PowNed (GeenStijl) en Wakker Nederland, toe. Ook andere omroepen claimen meer zendtijd. Nóg meer van hetzelfde? Met nu al 24 omroepen wordt de aandacht voor kunst en cultuur op de buis steeds minder. Het is zaak dat er vóór 1 april initiatieven genomen worden voor een kunstzender, want daarna gaat het publieke bestel weer voor vijf jaar op slot.

Ad ‘s-Gravesande en Kees van Twist namen het initiatief voor de oprichting van de omroep voor Kunst en Cultuur: omroep C. Alle grote culturele instellingen, koepelorganisaties en verschillende kunstenaars hebben zich achter het initiatief geschaard. In een nieuwsbrief schrijven actrice Johanna ter Steege en fotograaf Erwin Olaf waarom het belangrijk is dat er een kunstzender komt:

Onbegrijpelijk dat de publieke omroep 3 televisiezenders heeft waarop 7 dagen per week wordt uitgezonden, dus 21 avonden per week, en dat er géén avond is voor kunst en cultuur. Dat hebben we nou bereikt met 80 jaar omroep in Nederland. Johanna ter Steege

Ik zie helemaal niks van de prestaties van de Nederlandse kunstwereld op televisie. Ik zie de prestaties van de eerste de beste amateurvoetbalclub uitgebreid terug op elke zender, maar de grootse prestaties van internationaal befaamde kunstenaars die Nederland heeft voortgebracht, die zie je nooit. Erwin Olaf

Maar die omroep moet wel vóór 1 april 50.000 leden hebben, en die zijn er nog niet. Word daarom nu lid! Via deze link kun je je opgeven. Naast het cadeautje van de uitzendingen van deze omroep vanaf 2010, mag je ook nog een ander cultureel cadeautje uitzoeken als dank: een boekenbon, een CD of een kunstboek.

Doen!! Het kost je maar een paar centen en je voorkomt ermee dat het publieke bestel nóg verder vertrost, vertrut, verbelspeld, versensatiet en verzweefteeveet.

18 feb. 2009

Onderwijsconferentie voor ouders

Op 28 maart wordt de tweede onderwijsconferentie voor ouders gehouden. De conferentie heet
Ouders in de branding; onze kinderen, onze toekomst en plaats van handeling is 's-Hertogenbosch. Vorig jaar bezocht ik deze conferentie en na afloop schreef ik dit verslag en plaatste ik deze foto-impressie. Een aanrader!

Alle ouders van ROC- of VO-leerlingen zijn welkom, maar vooral die ouders, die nieuwsgierig zijn en mee op onderzoek willen gaan naar antwoorden op vragen als:
  • Hoe ga je als ouder om met internetgebruik van je kind?
  • Hoe los je samen een conflict op?
  • Hoe kun je je kind helpen al zijn talenten te benutten?
  • Valt er aan een zoon of dochter van 16, 17 jaar nog iets op te voeden?
  • Hoe begrijp je puberhersenen?
  • Spreken kinderen en wij dezelfde taal?
Het programma van dit jaar ziet er weer net zo veelbelovend uit als vorig jaar. Je kunt je hier inschrijven.

17 feb. 2009

Stiften op het digibord



Op de school waar ik werk gaan we eindelijk een smartboard aanschaffen. We hebben al een tijdje een smartbeamer, maar die werkte niet naar behoren in onze onderwijssituatie. Op naar een echt smartboard. Het is al duidelijk wat we gaan aanschaffen, maar we zijn nog wat aan het stoeien met de randvoorwaarden in het lokaal. Waar hangt zo'n ding het best, heb je nog een normaal whiteboard ernaast nodig, moeten er wel of niet beschrijfbare zijpanelen aan en meer.

Bij het stoeien met die randvoorwaarden komen wij maar niet uit een bepaalde kwestie:
hoe voorkom je dat een docent per ongeluk met een stift op het smartboard schrijft? De leverancier adviseerde om in dat lokaal helemaal géén whiteboard te hangen en alle docenten te verplichten gebruik te maken van dat smartboard. Maar dat gaat in ons gebouw, waar docenten van opleidingen gebruik maken van deze lokalen, niet lukken. Op een andere school van het ROC is onlangs nog een smartboard onherstelbaar beschadigd door een docent die het verschil tussen een smartboard en een whiteboard niet kende.

Hoe lossen andere scholen dat op? Graag reacties.

5 feb. 2009

Expertbijeenkomst NOT

Op onze school voor onderwijsassistenten loopt een web 2.0-project. Studenten en docenten onderzoeken in dit project welke web 2.0-toepassingen goed zijn in te zetten in het onderwijs.

Afgelopen vrijdag was er een expertbijeenkomst van verschillende van deze projecten, georganiseerd door Kennisnet. Door verwarring over de locatie (niet op de NOT, maar in de meetingplaza; niet de mediaplaza maar de meetingplaza) begonnen we flink wat later en mogelijk was die verwarring ook de reden dat niet iedereen aanwezig was. Jammer, het was een boeiende bijeenkomst.

Hieronder een impressie in beelden.

28 jan. 2009

Saint Amour

Volgende week gaat de literaire karavaan Saint Amour van: 'Behoud de begeerte' weer langs Nederlandse theaters. Wil je eens op een andere manier van literatuur genieten, dan MOET je hier heen.

Voor iemand die er nooit geweest is, is het moeilijk uit te leggen wat je op zo'n avond meemaakt. Ik doe een poging: in een flink tempo wordt het podium afwisselend bevolkt door voorlezende schrijvers, toneelspelers, tangodansers, muzikanten, poëten en ander naar liefdehunkerend of de liefdebeschrijvend volk.

En in 2009 is er ook een feestje vanwege het vijfentwintigjarige bestaan van Behoud de Begeerte, een vereniging zonder winstbejag, zoals dat in Vlaanderen heet. Zonder winstbejag de begeerte proberen te behouden. Mooi toch!

Na afloop van de vorige Saint Amour, sprak ik Luc Coorevits, organisator van deze avonden. Hij vertelde dat Saint Amour in België al maanden van tevoren is uitverkocht, terwijl de karavaan in Nederland maar matigjes publiek trekt. Het programma is in Nederland te zien in Enschede, Breda, Utrecht, Rotterdam, Leeuwarden, Kerkrade, Amersfoort, Arnhem en Tilburg. Kijk hier voor de uitgebreide speellijst Nederland.

De Rotterdamse Schouwburg plaatste op Youtube een filmische indruk van de komende Saint Amour. Ga erheen, laat je verrassen en geniet van al het moois dat literatuur in al zijn verschijningsvormen je te bieden heeft.



25 jan. 2009

Chinees nieuwjaar

Bij het Tilburgse Cultureel Café vanochtend was de voorzitter van de Chinese School aanwezig om te vertellen over het Chinese nieuwjaar. Dat begint morgen. Het wordt het 4707ste jaar van de Chinese kalender.

23 jan. 2009

Schrijven blijftmoeilijk

Biologische boerderij Romsicht heeft twee jarige koeien. Tijd voor een feestje? Of waren het tweejarige koeien waarvan deze boerderij vlees verkocht? Toen het dooide was het soms zó rottig schaatsen, dat de Rotte Merentocht werd afgelast. En iemand heeft promotie gemaakt tot hoofd van het menu bij een weblog over taalverandering. Of mogelijk is hij inmiddels toch weer buitengegooid, want op diezelfde website ontbreekt inmiddels de link naar het hoofdmenu.

Gisteren stuitte ik op de website: http://www.spatiegebruik.nl/. De makers van de website doen aan SOS: Signalering Onjuist Spatiegebruik. Op de website kun je voorbeelden van onjuist spatiegebruik in de media doorgeven. Vorig jaar hielden ze ook een verkiezing voor de meest irritante onjuiste spatie van 2008. De winnaar was: buiten band kopen, binnen band gratis.
Wil je aan leerlingen uitleggen waarom spaties in het Nederlands net zo belangrijk zijn als het cijfer 0 bij wiskunde, dan kun je hier genoeg voorbeelden vinden.

19 jan. 2009

Taalverloedering

Is de Nederlandse taal aan het verloederen? Zijn er steeds minder mensen die 'fatsoenlijk' Nederlands kunnen schrijven, die nog een tekst kunnen schrijven zonder spelfouten? Berichten in de media over de spelling van PaBo- en andere studenten doen ons zo geloven. Of is er iets anders aan de hand? Deze vragen komen aan bod in het boek 'Het einde van de standaardtaal' van Joop van der Horst.

Een bijzonder boeiend boek en ik heb het net uit. Het is een aanrader voor iedereen die zich bezighoudt met onze taal. Het boek is opgedragen aan "alle schooljuffrouwen, meesters, leraren die taalonderwijs geven. Zij hebben het moeilijk." en niemand weet precies waar het aan ligt, maar "de meesters en schooljuffrouwen krijgen de schuld". Aldus de opdracht in het boek.

Joop van der Horst schetst in zo'n driehonderd pagina's hoe het allemaal zo gekomen is, hoe geschreven en gedrukte taal zich vanaf de renaissance heeft ontwikkeld. In Nederland, maar ook in andere Westerse landen. We zitten middenin een wisseling van taalcultuur is zijn conclusie. Het renaissancedenken over taal is over zijn houdbaarheidsdatum heen. Dat 'verval' is al merkbaar vanaf de jaren zeventig van de vorige eeuw. De computer deed er nog een schepje bovenop, maar was zeker niet de oorzaak van deze taalverandering.

Over de toekomst doet Van der Horst niet graag uitspraken ("ik ben niet geschikt voor orakel" blz. 319), maar aan het eind van het boek kan hij zich hier toch niet aan onttrekken en hij voorspelt voorzichtig:
- het zal nog een taaie strijd worden. Wat in 500 jaar opgebouwd is, maakt niet zomaar plaats voor iets nieuws;
- er zijn allerlei fundamentele verschuivingen in gang gezet, maar ze hebben bepaald nog niet een nieuw evenwicht bereikt;
- de nieuwe taalcultuur zal minder Europees zijn, eerder mondiaal;
- de spelling zal sterk veranderen: de huidige spellingen zijn gemaakt voor boekenlezers, in een context waarin één vastliggende spelling een vanzelfsprekendheid was. Terwijl ons nieuwe lezen en schrijven andere eisen stelt;
- er zullen alternatieven komen voor het traditionele woordenboek. De huidige internetwoordenboeken hebben al wat gewonnen doordat ze niet meer alfabetisch zijn geordend, maar zullen nog verder gaan evalueren.
- nieuwe literaire genres zullen ontstaan, mogelijk in de vorm van groepswerk i.p.v. één schrijver;
- gesproken taal zal een steeds belangrijkere rol gaan spelen, ook bij het schrijven;
- de manier waarop ons onderwijs nu georganiseerd is, zal grondig veranderen.

Op de website van VPRO-boeken kun je een interview met hem bekijken en een podcast downloaden over zijn betoog.

Van der Horst is een van de workshopleiders op de Dag van Taal, Kunsten en Cultuur 2009 die gehouden wordt op vrijdag 30 januari in Groningen.

12 jan. 2009

Films op TV

Een collega attendeerde mij op http://www.cinema.nl/. Op deze website van de VPRO en de Volkskrant kun je zoeken naar informatie over films, acteurs en regisseurs. Je kunt een eigen profiel aanmaken, filmvoorkeuren opgeven, films een waardering toekennen, deelnemen aan forums en meer.

Op dit moment is vind je op deze site informatie over zo'n 100.000 films en over 350.000 personen (regisseurs, acteurs). Een ware speelfilmencyclopedie en naar eigen zeggen: de grootste Nederlandstalige filmdatabank.

De meest aangename toepassing vind ik dat je kunt aangeven dat je een mailtje wilt ontvangen als een bepaalde film van jouw voorkeur op TV komt. Zo ontdekte ik dankzij deze site dat de film Dead Poets Society (uit 1989) a.s. dinsdag wordt uitgezonden op BBC 1 (van 0.15 tot 2.20 uur).

10 jan. 2009

Films over leraren en leerlingen

Gisteravond bezocht ik met een groep collega's de film 'Entre les murs'. We keken mee over de schouder van een docent Frans in een achterstandswijk in Parijs naar wat hij tussen de muren van zijn klaslokaal deed. Zijn verwoede pogingen tot leerlingen door te dringen, ze wat te leren, ze te respecteren, hoe moeilijk dat laatste soms ook was. Maar ook: wanhopige collega's die het niet meer zagen zitten met deze doelgroep, het zoeken naar disciplinaire maatregelen en meer. Heel herkenbaar vonden wij allemaal. En aan het eind wilden wij allemaal óók zo'n transparante doos.

Films over leraren en leerlingen, graag zou ik er meer zien, zeker nu ik weer veel voor/in de klas sta. Daarom bij deze een oproep: wie kent er nog meer boeiende films over leraren en leerlingen?